Theoretisch kader

Ontwikkelinstrument hybride leeromgevingen

Met het vormgeven van hybride leeromgevingen vervagen de grenzen tussen school en werk. Dit zorgt voor een betere aansluiting tussen het onderwijs en het werkveld en de daar heersende praktijk. Het biedt kansen om in de opleiding gelijke tred te houden met de ontwikkelingen in het werkveld. Een hybride leeromgeving is een manier om studenten te ondersteunen bij de ontwikkeling van beroepskennis en de verbinding te maken met wat ze op school en op de werkplek leren. Doordat studenten in een hybride leeromgeving samenwerken met professionals uit de beroepspraktijk, docenten en werkplekbegeleiders, ontstaat er voor alle betrokkenen een lerende context. Op deze manier dragen hybride leeromgevingen bij aan een leven lang ontwikkelen en aan het vormen van een lerend regionaal netwerk.

Continuüm en typologie leeromgevingen

Het ontwikkelinstrument geeft inzicht in de aspecten die van belang zijn in het ontwerpen en uitvoeren van leeromgevingen op strategisch, tactisch en operationeel niveau. Dit zijn ontwerpbare aspecten vanuit inhoudelijk, sociaal, temporeel, ruimtelijk en instrumenteel perspectief. Het is belangrijk dat de afwegingen die op de verschillende niveaus gemaakt worden in lijn zijn met elkaar, zodat er een consistent geheel ontstaat. Leeromgevingen kunnen meer of minder integratief zijn. Er worden drie soorten leeromgevingen onderscheiden op het grensvlak van school en werk. Leeromgevingen gebaseerd op:

1. Afstemming (weinig integratief)
2. Incorporatie werk naar school / Incorporatie school naar werk (meer integratief)
3. Hybridisering (volledig integratief)

Bij leeromgevingen gebaseerd op incorporatie (2) en hybridisering(3) zijn de school- en beroepspraktijkcontext sterker met elkaar verweven en wordt er intensiever samengewerkt tussen beide contexten. Deze leeromgevingen zijn integratiever van aard dan leeromgevingen gebaseerd op afstemming (1), waar school en beroepspraktijk afzonderlijke contexten zijn. Leeromgevingen gebaseerd op hybridisering kunnen als integratiever worden gezien dan die gebaseerd op incorporatie, omdat het gaat om volledige integratie, om het samensmelten van school en werk tot een nieuw geheel.

De verschillende soorten leeromgevingen kunnen op het continuüm school-werk worden geplaatst (zie figuur 1). Het continuüm gaat van ‘afstemming’ naar ‘incorporatie’ naar ‘hybridisering’, waarbij de contexten van opleiding en werkveld steeds meer met elkaar geïntegreerd worden. Start je aan de linkerkant van het continuüm, dan vertrek je vanuit de onderwijspraktijk. Start je rechts, dan vertrek je vanuit de beroepspraktijk.

Figuur 1: Continuüm school-werk. Roze = onderwijsinstelling, paars = werkveld

Bij mboRijnland verstaan we onder hybride leeromgevingen leeromgevingen die integratiever van aard zijn en dus gebaseerd zijn op incorporatie en hybridisering.

Het ontwikkelinstrument kan voor meerdere doeleindes worden ingezet:

  • Gemeenschappelijke taal: waar hebben we het over als we praten over hybride leeromgevingen?
  • Inzicht: waar sta je als opleiding/team/college in de samenwerking met het werkveld in de ontwikkeling van hybride leeromgevingen? Het instrument kan bij het ontwerpen en ontwikkelen van onderwijs behulpzaam zijn.
  • Ambitie bepalen: Waar staan we nu en waar werken we naar toe? Met welke aspecten willen we hybride leeromgevingen ontwikkelen? Het instrument kan helpen keuzes te maken.
  • Monitoringsinstrument: verschillende praktijken op een eenduidige manier volgen en met elkaar vergelijken.
  • Impact op ondersteuning: op basis van de gemaakte keuzes door colleges kunnen diensten hun ondersteuning hierop afstemmen en eventueel aanpassen.

Hybride leeromgevingen vormgeven op strategisch niveau

Op strategisch niveau gaat het om ontwerpafwegingen die gericht zijn op de wijze van verbinding tussen de contexten van school en werk. Er worden keuzes gemaakt over de doelen en belangen van samenwerking tussen onderwijs en werkveld, zoals gezamenlijk maatschappelijke vraagstukken oppakken. Op dit niveau worden afwegingen gemaakt die een relatie hebben met leeragenda’s, doelstellingen en organisatievormen.

Hybride leeromgevingen vormgeven op tactisch niveau

Op tactisch niveau gaat het om de inhoudelijke keuzes die gemaakt worden in de samenwerking van onderwijs en werkveld, om de soorten ruimtes die er nodig zijn (inclusief digitale voorzieningen), om de momenten in de opleiding waarop de leeromgeving(en) zijn ingebed en om de diverse rollen die er nodig zijn om de leeromgeving uit te voeren. Op dit tactische niveau komt er een dimensie bij: naast het continuüm school-werk, speelt ook het continuüm “minder-meer complex” een rol, ofwel: hoeveel verschillende opleidingen en hoeveel verschillende werkveldpartners zijn er daadwerkelijk betrokken in de samenwerking? De complexiteit varieert van 'mono, mono' (één schoolpraktijk en één werkpraktijk in een organisatie) tot 'multi, multi' (meerdere opleidingen en meerdere werkpraktijken in verschillende organisaties). Het betrekken van meerdere opleidingen en meerdere organisaties kan de leeromgeving verrijken. Als je voor zo’n multi-professionele samenwerking kiest, krijg je een andere invullingen van studentenrollen (senior en juniors). Dit vraagt ook een ander soort begeleiding van die rollen.

Hybride leeromgevingen vormgeven op operationeel niveau

Ontwerpafwegingen op operationeel niveau zijn afwegingen die te maken hebben met de concrete invulling van leeromgevingen in termen van inhoud, rollen, ruimtes en materialen. Op dit niveau vindt aansluiting plaats op de behoeften van studenten en wordt er tegelijkertijd rekening gehouden met de doelstellingen van de opleiding en van het werkveld.

Start scan


Bronnen

Bouw, E., Zitter, I., & de Bruijn, E. (2019). Characteristics of learning environments at the boundary between school and work–A literature review. Educational Research Review, 26(1), 1-15.
Bouw, E., Zitter, I., & de Bruijn, E. (2021). Multilevel design considerations for vocational curricula at the boundary of school and work. Journal of Curriculum Studies, 1-19.

onderwijskennis.nl/themas/hybride-leeromgevingen

Dit ontwikkelinstrument is tot stand gekomen op basis van driejarig onderzoek door Practoraat Research Lab van mboRijnland naar de ontwikkeling van hybride leeromgevingen.

Meer over dit onderzoek

Contact

Wil je meer informatie over deze scan of heb je vragen? Mail dan naar: researchlab@mborijnland.nl

Practoraat Research Lab doet de komende jaren onderzoek naar de ontwikkeling van hybride leeromgevingen. Wil je participeren in het onderzoek met jouw leeromgeving? Mail dan je ingevulde scan naar: researchlab@mborijnland.nl

Bij het gebruik maken of kopiëren van deze scan graag de volgende bronvermelding gebruiken: Practoraat Research Lab (2022). Ontwikkelinstrument hybride leeromgevingen. mboRijnland.

decoratief element